#ODE_MONNIKSKAP
Een ode aan de Monnikskap
“[...] de Monnikskap heeft me na een pittige tijd mijn werkplezier teruggegeven.”
Elke docent heeft scholen, leerlingen en collega's waaraan hij of zij bijzondere herinneringen bewaart. De Monnikskap is zo'n plek voor mij.
Jarenlang lesgeven met gehoorbeperking had zijn tol geëist. Klassikaal lesgeven zat er niet meer in. En toen kwam de Monnikskap op mijn pad.
Wat een verademing was het om hier te werken. De rust, de humor, het kritisch meedenken van leerlingen. Gesprekken die een opdracht of toets bijna naar een academisch niveau tilden. Gevoelige en intelligente jonge mensen. Maatschappijcritici, grappenmakers en halve kunstenaars. Leerlingen die nét iets te makkelijk de les ontdoken en zij die er wel waren, maar elk excuus aangrepen om de tafeltennistafel te mogen openklappen. Dat laatste is natuurlijk nooit gebeurd. Of, nou goed, een enkele keer.
Lesgeven op de Monnikskap kende zeker zijn uitdagingen. In het begin kon ik veel centraal werken met de groepen. Gedurende het jaar werkten leerlingen steeds meer in hun eigen tempo en moest ik veel een-op-een afstemmen. Oplossingen werden ad hoc gezocht, in het belang van de leerling. En steeds weer bijgesteld.
Toen er een uitgever op mijn pad kwam, wist ik dat dat werk nog beter bij me zou passen.
Maar de Monnikskap heeft me na een pittige tijd mijn werkplezier teruggegeven. Ik ben de leerlingen en collega’s van de Monnikskap en met name Kathelijne Wentink en Elin Meijnen erg dankbaar, evenals de vakgroep Nederlands van het Kandinsky College.
De Monnikskap heeft weer eens verschil gemaakt. En dit keer voor een docent.
Het ga jullie goed,
Rutger Cornelissen