#ONDERWIJSINNOVATIE

Beter kiezen door langere oriëntatie

Decaan Hanneke Hendrikse over loopbaanbegeleiding in de onderbouw

door Jos Olsthoorn


Leerlingen op het Kandinsky College kiezen in de derde klas een profiel. Een belangrijke en soms lastige beslissing die invloed heeft op je toekomst; wat wil je straks gaan studeren en welke baan past bij jou? Gebleken is dat leerlingen die goed voorgelicht zijn en goed nagedacht hebben over de vragen ‘Wie ben ik? Wat kan ik? Wat wil ik?’ zekerder zijn van hun keuze en minder vaak uitvallen in het vervolgonderwijs. Zouden leerlingen dan niet geholpen zijn als wij ze al eerder over hun toekomst laten nadenken? Gewoon vanaf de brugklas? Dat is de gedachte van Hanneke Hendrikse, decaan vwo op het Kandinsky College. Sinds dit jaar geeft ze geen les en kan ze zich volledig focussen op het decanaat. “Dit idee zit al langer in mijn hoofd, ik ben blij dat ik dit jaar de tijd heb om het uit te werken.” Een verhaal over motivatie, kiezen en denken over je toekomst.

Kun je iets vertellen over je eigen loopbaan?

Hanneke Hendrikse studeerde Nederlands en heeft ongeveer tien jaar bij verschillende uitgeverijen gewerkt voordat ze in het onderwijs belandde. Na een stage en aansluitend dienstverband bij het Stedelijk Gymnasium in Nijmegen startte de docent Nederlands in 2007 op het Kandinsky College. Daarnaast was ze elk jaar mentor en was ze een tijdlang vakgroepvoorzitter. In 2013 begon ze als decaan van het vwo. “Mijn vader [Vincent Hendrikse, red.] werkte ook op het Kandinsky, ook hij gaf Nederlands en ook hij was decaan, van de mavo in zijn geval. Hij zei altijd: “Decaan is de leukste baan van de school.” En dat kan ik alleen maar beamen. Je hebt binnen een grote organisatie eigenlijk je eigen ‘winkeltje’. De leerlingen hebben je nodig bij het maken van een keuze voor een profiel of een vervolgopleiding. Natuurlijk zijn er leerlingen die al een helder beeld hebben van hun toekomst, maar er is een grote groep die geen idee heeft. Gelukkig weten die de weg naar het decanaat te vinden, niet alleen naar mij, ook naar mijn collega-decanen van de mavo en havo.”

Wat is het verschil tussen je rol als docent en je rol als decaan?

“Er is een groot verschil. Nederlands is een verplicht vak, dat betekent dat je leerlingen moet enthousiasmeren voor soms lastige opdrachten. Bij leerlingen die naar de decaan komen, hoeft de motivatie niet meer te worden gevonden – die is intrinsiek aanwezig. Als decaan kom ik in gesprek met leerlingen die een moeilijke keuze moeten maken en daar hulp bij kunnen gebruiken. Ik kan iets voor ze betekenen en dat vind ik erg waardevol. Als vwo-decaan krijg ik leerlingen aan mijn tafel die zelf best het een en ander kunnen ondernemen. Mijn taak is om leerlingen te begeleiden in dit proces. Een vwo-leerling kan best zelf bellen voor een afspraak. Ik geef ze net dat duwtje in de rug.”

De decaan, is dat niet die meneer of mevrouw die een foldertje meegeeft over de vervolgopleiding en met een beetje mazzel vertelt wanneer de open dagen zijn?

“Zo heb ik het vroeger zelf wel ervaren. Maar mijn rol is nu veel uitgebreider dan wat ik me herinner van mijn eigen schooltijd. In klas drie krijgt elke leerling profielkeuzevoorlichting. In dezelfde periode nodigen wij hun ouders uit voor de profielkeuze-avond. Zo kunnen kinderen en ouders in gesprek over de mogelijkheden. Er zijn leerlingen en ouders die na de voorlichting contact zoeken voor een individueel gesprek, voor meer specifieke informatie. Dat zijn vaak leuke en verhelderende gesprekken. Maar voorlichten kan ook anders; dit jaar hebben we er bijvoorbeeld voor gekozen om de taaie informatie over profielkeuze over te brengen door middel van een toneelstuk (lees hierover meer in de 3e editie van Kandinsky Nieuws). Een heel andere manier, en leerlingen krijgen een mooi beeld van de mogelijkheden én de vooroordelen op dit gebied.”

“Als decaan kom ik in gesprek met leerlingen die een moeilijke keuze moeten maken en daar hulp bij kunnen gebruiken. Ik kan iets voor ze betekenen en dat vind ik erg waardevol.”

Heeft de leerling een profielkeuze gemaakt en zit hij het vierde leerjaar, dan komt de decaan vaker in beeld. Klopt dat?

“Inderdaad, ik ‘bestook’ leerlingen met voorlichtingen, informatieavonden, open dagen, meeloopdagen. Enkele jaren geleden heb ik, samen met mijn collega van de havo Karen Boers, een avond ontwikkeld waarbij zo’n 25 oud-leerlingen naar school terugkomen om te vertellen hoe hun studiekeuzeproces is verlopen en wat hun opleiding inhoudt. Hadden ze de juiste keuze gemaakt? Hoe is het eigenlijk om te gaan studeren? Hoe zit de opleiding in elkaar? Het eerste jaar waren er op die avond meer sprekers dan luisteraars. Maar gaandeweg de jaren hebben we de kinderziektes eruit gefilterd en werden de avonden steeds drukker bezocht. Inmiddels is het een begrip geworden: leerlingen die van school af zijn, melden zich spontaan om mee te doen aan de voorlichting. Hartstikke fijn, want het is toch anders om het van een oud-leerling te horen dan van een decaan.

Aan tafel!

Dit jaar heb ik een nieuwe voorlichtingsavond ontwikkeld: ik heb ouders gevraagd om te komen vertellen over hun beroep en de weg ernaartoe. Maar liefst 26 ouders meldden zich aan om met de leerlingen van h4, v4 en v5 in gesprek te gaan. Fantastisch, die ouderbetrokkenheid. ‘Aan tafel!’ heb ik deze avond, die dinsdag 5 februari plaatsvond, gedoopt. Altijd spannend, zo’n eerste keer, hoe pakt het uit? Inmiddels kijk ik terug op een mooie en leerzame avond. Ik denk dat het voor iedereen boeiend was om te horen hoe studies, soms via geweldige omwegen, resulteren in leuke banen – dat klonk in ieder geval door in het enthousiasme van de voorlichtende ouders. Van een paar leerlingen heb ik al teruggehoord dat ze echt wat aan de avond hebben gehad. En daar was het om te doen, missie geslaagd dus.”

“Brugklassers hoeven echt nog niet te weten wat ze later willen worden. Maar een beter ingelicht mens kan hopelijk een betere keuze maken!”

Zou dit ook niet iets zijn voor andere scholen?

“Jazeker! En dat is het mooie van de decanenkring waar ik lid van ben. In die kring zitten alle decanen uit de regio Nijmegen, zij wisselen veel informatie uit, kunnen gebruikmaken van elkaars expertise en delen onderling ideeën. Decanen zijn erg van het delen, ze gunnen elkaar veel. Good practice komt zo overal terecht. We willen tenslotte allemaal dat elke leerling op de goede plek terechtkomt. Twee keer per jaar gaan we ook naar een hbo of universiteit om zelf te worden voorgelicht over ontwikkelingen in het hoger onderwijs, over nieuwe opleidingen, de selectieprocedure et cetera. Ontzettend leerzame uitjes waarna je je leerlingen nóg weer beter kunt vertellen over vervolgopleidingen.“

Het liefst wil je dat leerlingen meteen het juiste profiel en bijbehorende vakken kiezen zodat ze niet later nog moeten wisselen omdat dat nodig is voor de vervolgopleiding. Dit is ook het doel van je nieuwste project: niet meer wachten tot klas 3, maar al starten in klas 1. Hoe zie je dit voor je?

“Ik zou graag leerlingen al onbewust, spelenderwijs willen laten nadenken over hun toekomst. Het lijkt me fantastisch om daar al halverwege het eerste jaar mee te starten. De frequentie waarmee dit gebeurt, hoeft niet heel hoog te zijn, maar door regelmaat krijg je wel een doorlopend proces. En dat is waar we op het decanaat graag naartoe willen. Leerlingen schrikken nu misschien als ze in klas 3 een profiel moeten kiezen. Door eerder te starten, oriënteren ze zich langer en volgens ons vergroot dat de kans van slagen. Dat oriënteren kan op allerlei manieren. Leerlingen kunnen bijvoorbeeld door het schrijven van een brief over het beroep van opa of oma, oom of tante, buurman of buurvrouw al kennismaken met beroepen. Het mooie is dat zo’n opdracht niet per se gerelateerd hoeft te zijn aan een mentorles. Mentoren moeten al zo veel. Het is ook inzetbaar in de vaklessen. Beroepen van vroeger kunnen bij geschiedenis aan bod komen; bij het vak Nederlands kun je loopbaanoriëntatie in een schrijfopdracht verwerken. Zo snijdt het mes aan twee kanten. Mijn doel is om de oriëntatie enkele keren per jaar in de mentorles én geïntegreerd in andere vakken terug te laten komen. Zo creëren we op school een doorlopende leerlijn decanaat. Dat is mijn ideaalplaatje. Brugklassers hoeven echt nog niet te weten wat ze later willen worden. Maar een beter ingelicht mens kan hopelijk een betere keuze maken!”

Meer informatie

Voor meer informatie over loopbaanbegeleiding in de onderbouw, neem contact op met:

Hanneke Hendrikse