#EXPERIMENT


Een wel heel bijzonder proefwerk

door Huib Geboers, docent wiskunde

Een proefwerk van wiskunde bestaat meestal uit vijf tot acht genummerde opgaven. Maar eigenlijk is die nummering helemaal niet logisch. Die nummering geeft immers een volgorde aan die er helemaal niet is.

Volgorde

De volgorde waarin je de opgaven van een proefwerk maakt, bepaal je als het goed is natuurlijk zelf. Je maakt eerst de opgaven die je makkelijk vindt en waar je veel punten voor kunt halen. De lastige opgaven bewaar je tot het eind. Helaas blijven er vaak punten liggen doordat je niet je eigen volgorde bepaalt. Je steekt dan veel tijd in een tekenopgave of blijft lang nadenken over een moeilijke vraag. Aan het einde van het uur blijkt er dan toch te weinig tijd te zijn voor die laatste opgave, waarvan je het antwoord echt wel wist.

Kubus op tafel

Om leerlingen te dwingen na te denken over de volgorde waarin ze de opgaven maken, hebben wiskundedocenten Sjoerd Kemperman en Huib Geboers voor de leerlingen van t1v iets bijzonders bedacht. Bij het onderwerp ruimtemeetkunde hebben ze de opgaven van het proefwerk op de grensvlakken van een kubus geprint. Iedere leerling kreeg bij de toets in plaats van het verwachte A4-tje dus een kubus op tafel.

Werkt dit?

“Aan het einde van de toets vroegen we de leerlingen op te schrijven welke opgaven ze het makkelijkst en het moeilijkst vonden. Dat vergelijken we dan met de volgorde waarin ze de opgaven gemaakt hebben. Zo hopen we te ontdekken of deze aparte toetsvorm werkt”, aldus Sjoerd Kemperman. Huib Geboers vult aan: “Als daar inderdaad een verband tussen lijkt te bestaan, gaan we vaker zo’n toets maken – om leerlingen te leren een toets met een bepaalde strategie te maken.”