#SAMENLEREN
Lesgeven op de Monnikskap
“Iedereen zei altijd dat het een wonder is dat ik weer kan praten, maar ik heb er gewoon hard voor gewerkt.”

Door Elin Meijnen
In mijn klassen op de Monnikskap zitten leerlingen in de leeftijd van elf tot achttien jaar. Sommige komen één keer per week, andere vaker naar school. Soms zijn ze weken afwezig door ziekte of een operatie, soms langer. Nooit is de samenstelling hetzelfde. Hoe werkt dat? Hoe geef je goed les aan zo’n diverse groep? Nou, dat is een lange weg… Ik plan, improviseer, volg mijn intuïtie en verzin manieren die mislukken en soms werken. Maar wat ik boven alles heb geleerd, is dat ik leerlingen samen laat leren, elkaar laat uitleggen, elkaar laat helpen. En we lezen. Bijvoorbeeld het boek Lil Handi.
Lola en Sam (en Lil Handi)
Endri Sulaj, een bekende TikTokker (1,5 miljoen volgers) met de spierziekte Duchenne, is cool, grappig en heeft een boek geschreven over zijn leven. Hij noemt zich ‘Lil Handi’. We lezen het in de klas. Het is prachtig opschreven door schrijver Jelmer Soes en eind mei brengen ze samen een bezoek aan onze school.
Lola heeft een jaar geleden een hersenbloeding gekregen. Ze zat op het Kandinsky in 3 vwo en van het ene op het andere moment kon ze niks meer. Maar ze is terug. Ze zit in een rolstoel, kan nog niet goed lopen en praat langzaam, maar sinds een paar weken volgt ze les op de Monnikskap. Tijdens die lessen lees ik voor uit het boek van Lil Handi en praten we met de groep over het verhaal.
Na het voorlezen komt Sam, een vriendin van Lola, die haar gewone les mag skippen om Lola Nederlands te geven. Van een afstandje observeer ik de twee vriendinnen. Hoe ze serieus aan het werk zijn, hoe Sam uitleg geeft over de middeleeuwen, hoe Lola lacht om het verhaal van De burggravin van Vergi, hoe Sam de woorden van Lola typt in een brief aan Endri.
Hoi Endri,
In een rolstoel zitten is heel lastig,
Ik weet dat zelf ook want ik zit ook in een rolstoel. Ik zie dat je erg veel positiviteit hebt. Dat heb ik ook. Het is goed dat je veel positiviteit gebruikt. Je laat namelijk ook zien hoe je er zelf in staat vergeleken met andere mensen bijvoorbeeld je moeder of je zus.
Ik vind het vooral heel lastig als mensen zeggen dat het een nachtmerrie ofzo is. Want dat is het natuurlijk ook, maar alsnog ga ik dat niet over jou zeggen. Je laat zien dat je iets kan bereiken terwijl je zo beperkt bent. Zoals aan TikTok beginnen ofzo. (…) Dezelfde band die je met je zus Ela hebt, heb ik met mijn zus Jasmijn, ook door mijn ongeluk. Daardoor begrijp ik hoe lastig het is om je zus te missen (mijn zus was op wereldreis toen het met mij gebeurde) maar voor jou was het natuurlijk heel lang en jij moest je vader ook missen.
Je hebt een spierziekte en ik een hersenbloeding, maar toch begrijp ik wat je bedoelt. Ik wil dit niet teveel over mezelf maken want ik vind dat het over jou gaat en niet over mij. Deze brief is tot nu toe ook erg zielig en gaat alleen maar over je ziekte maar ik wil het ook graag over andere dingen hebben.
Dus heb je hobby's en wat is je lievelingskleur? Mijn hobby's zijn afspreken, dansen, bakken, shoppen en Robloxen (Dress to impress, 99 Nights in the forest met mijn vriendinnen Sira en Sam). En mijn lievelingskleuren zijn koningsblauw en kersenrood.
Ik ben echt supertrots op je al ken ik je niet persoonlijk. En misschien komt het niet binnen, maar weet tenminste dat ik het meen. Iedereen zei altijd dat het een wonder is dat ik weer kan praten, maar ik heb er gewoon hard voor gewerkt. Dus weet: alles gebeurt met een reden en het is geen wonder dat het lukt om te leven, je werkt er gewoon hard voor.
Vriendelijke groetjes,
Lola